Een tapijt van A tot Z

Hieronder zullen wij toelichten hoe handgeknoopte tapijten vervaardigd worden. Er komt namelijk heel wat bij kijken alvorens een tapijt bij u in de woonkamer ligt. Graag attenderen wij u erop dat dit een algemene beschrijving is en dat afwijkingen in het hieronder beschreven proces zeer zeker voorkomen.

Sinds vele eeuwen worden er in Noord Afrika, Perzië, India en vele andere landen tapijten geknoopt en geweven. Er zijn van oorsprong grofweg twee bevolkingsgroepen die tapijten knopen; de Nomaden volkeren die met de weefgetouwen rondtrekken en de (primitieve) stammen die in diverse dorpen in Azië en Perzië terug te vinden zijn. Het grootste verschil is het type tapijt dat ze vervaardigen. De nomaden gebruiken naast het knopen voornamelijk de weeftechniek (Kelims) en de stammen knopen veelal waardoor er een tapijt met pooltjes ontstaat. In de laatste decennia zijn er in de grotere steden in deze windstreken ook steeds meer professionele en commerciële knoperijen bijgekomen welke slechts een gedeelte van de totale productie voor rekening nemen.

We beginnen de beschrijving van het proces bij het prepareren van de wol. Vaak is het zo dat de wol afkomstig is uit hetzelfde land als waar het tapijt vervaardigd wordt. Uitzonderingen hierop zijn de meer hedendaagse tapijten waarvoor men ook bijvoorbeeld Nieuw Zeeland wol gebruikt.

 

De kwaliteit van de wol wordt bepaald door het soort schaap, de voeding en het klimaat. De wol van schapen uit het hooggebergte in noord Iran is bijvoorbeeld sterker dan wol van schapen uit het groene en vruchtbare zuiden van Iran. De vuistregel is dat hoe meer een schaap te eten krijgt hoe minder de kwaliteit van de wol. Wanneer we naar de vacht kijken van een schaap dan zien we tevens dat bepaalde stukken vacht uit betere wol bestaat dan andere stukken.

Na het scheren van de schapen wordt de wol gesorteerd op kwaliteit en kleur. Dit doet men omdat de verschillende kleurnuances terugkomen in de geverfde wol. Na het sorteren volgt het wassen. Tijdens dit proces verliest de wol ongeveer 60% van haar gewicht. Dit is voornamelijk vuil en overtollig vet dat eruit gewassen wordt.

De volgende stap is het spinnen van de wol. Afhankelijk van de techniek en het gebied zal dit of handmatig of machinaal gebeuren. Bij handmatig spinnen ontstaat er een iets minder egale draad dan bij machinaal spinnen. Nomaden en primitieve stammen spinnen de wol handmatig en door het twisten van twee draden kunnen verschillende soorten garens geproduceerd worden; stevig of los, dit hangt af van het soort tapijt dat ervan gemaakt gaat worden.

Pas als de wol gesponnen is wordt deze geverfd. Het verven kan met natuurlijke of synthetische kleurstoffen gedaan worden. Bij een synthetisch verfbad zal de verf doordringen tot het binnenste van de wolvezel, natuurlijke kleurstoffen hechten echter aan de buitenkant van de vezel. Dit resulteert in prachtige bestorven en antieke kleuren. Tevens zijn bij het gebruik van natuurlijke kleurstoffen de verfbaden nooit gelijk. Hierdoor ontstaan er schitterende kleurnuances tussen de verschillende bollen wol die geverfd worden.

 

Zowel de afkomst van de wol als ook alle hierboven besproken stappen bepalen de kwaliteit van de wol en uiteindelijk de kwaliteit van het tapijt dat ermee vervaardigd zal worden.

Nu de wol klaar is voor gebruik kunnen de knoopramen in gereedheid worden gebracht. Dit betekent dat deze op maat gemaakt worden en bespannen worden met kettingdraden. Dit is een klus die zeer zorgvuldig uitgevoerd dient te worden om oneffenheden in het eindresultaat te voorkomen. De kettingdraden zijn meestal van katoen en soms van wol of zijde.

Het knopen kan nu beginnen. Vaak wordt er met meerdere mannen of vrouwen tegelijk aan een tapijt gewerkt (afhankelijk van de afmeting). Bij het knopen maken de knopers gebruik van een tekening van het patroon op ruitjespapier. De tijd die het kost om een tapijt te knopen is afhankelijk van onder meer de volgende factoren; materiaal, de knoopdichtheid, het patroon en de afmeting. Soms loopt dit op tot 12 maanden of langer. Denk hierbij aan een zijden tapijt waarbij ook voor de kettingdraden voor zijde is gekozen wat resulteert in een enorm hoge knoopdichtheid tot wel 2 miljoen knopen per vierkante meter.

De nomaden knopen de tapijten meestal niet aan de hand van een tekening maar op basis van de 'overlevering' van hun voorouders. Zij knopen de tapijten met patronen uit het hoofd en vaak naar eigen invulling.

Na het knopen kan het tapijt geknipt en/of geschoren worden. Hierbij worden alle pooltjes op gelijke hoogte geknipt waardoor het tapijt mooi vlak wordt en de patronen helder.

Na het scheren zijn we er nog niet. Het tapijt wordt voordat het afgewerkt kan worden eerst nog gewassen. In de buitenlucht of in een riviertje wordt het tapijt nat gemaakt en geschrobd. Dit proces is heel belangrijk voor de uiteindelijke kleuren en daarmee de uitstraling van het tapijt. Soms worden tapijten meerdere malen gewassen totdat het wenselijke eindresultaat bereikt is. De bestorven kleuren van de Ziegler tapijten worden behaald door een combinatie van de juiste wol, vegetarische kleurstoffen en het juiste wasproces.

 

Na het wassen worden de tapijten te drogen gelegd in de zon. Vroeger gebeurde dit veelal op de steile berghellingen, tegenwoordig worden de tapijten te drogen gelegd in weilanden, op straten en pleinen en op de daken van huizen. Om een goed resultaat te bereiken is een hele felle zon het beste.

Vervolgens kan men het tapijt gaan pencillen - dit betekent dat met een pincet de pooltjes van gelijke kleur weer bij elkaar gevoegd worden. Dit is heel belangrijk voor scherpe contouren in het patroon.

Tot slot worden de franjes netjes afgewerkt door deze op gelijke lengte af te knippen en eventueel te twisten.